Bulgaarse Cultuur

a)      Bevolking

Bulgarije heeft ongeveer 7,6 miljoen inwoners. De meeste inwoners zijn etnische Bulgaren (83,9%). Er leven tevens een aanzienlijke minderheid van Turken en kleinere groepen Roma, Russen, Armeniërs en Macedoniërs. Ongeveer 70% van de bevolking woont in de steden. De steden met het hoogste inwonersaantal zijn Sofia, Plovdiv, Varna, Boergas, Roese en Stara Zagora. De rest van de bevolking woont op het dunbevolkte platteland.

b)      Taal

Het Bulgaars is de officiële taal van Bulgarije. Deze taal behoort tot de groep van de Zuid-Slavische talen en is bijgevolg verwant aan het Servisch, Kroatisch, Macedonisch en het Sloveens. Buiten Bulgarije wordt het door minderheden gesproken in Servië, Macedonië, Roemenië, Moldavië, Griekenland en Turkije. Naast het Bulgaars wordt in Bulgarije ook Turks (ca. 10% van de bevolking) en Romani (ca. 5% van de bevolking) gesproken. Deze laatste taal heeft betrekking op het taalgebruik van de Roma bevolking.

Het alfabet dat wordt gebruikt, is het Cyrillische alfabet. Het werd in de loop van de 9de eeuw ontwikkeld door de missionarissen Cyrillus en Methodius met als doel de Bijbel te vertalen en aldus in het Kerkslavisch of Oud-Bulgaars op schrift te stellen. Dankzij deze vertaling hoopten zij de Slavische bevolking ten noorden van Griekenland gemakkelijker tot het christendom te bekeren. Echter, van een standaardalfabet voor het Bulgaars was gedurende lange tijd geen sprake. Het zou duren tot het midden van de 20ste eeuw vooraleer het huidige alfabet van dertig letters algemeen werd gebruikt. In tegenstelling tot de meeste andere Slavische talen wordt er geen gebruik meer gemaakt van naamvallen.

De Bulgaren stellen het op prijs indien men enkele woorden Bulgaars spreekt. Niettemin kan men zich met enkele andere talen vlot verstaanbaar maken. Zo leren de Bulgaren op school o.a. Engels, Duits, Frans, Spaans, Italiaans en Russisch.

Enkele voorbeelden:

 enkele taalvoorbeelden

Het alfabet ziet er als volgt uit:

Bulgaars alfabet

 

c)       Vlag

De nationale vlag van Bulgarije bestaat uit drie gelijke horizontale stroken: wit, groen en rood (van boven naar onder).

Bulgaarse vlag

Oorspronkelijk waren de kleuren van de vlag wit, blauw, en rood. Deze kleuren worden meestal gebruikt in de vlaggen van de Slavische volkeren en landen. Rusland was het eerste land dat rood, blauw en wit in de vlag opnam. In de Bulgaarse vlag werd de kleur blauw in de negentiende eeuw vervangen door groen aangezien het land zich vanaf  deze periode representeerde als een landbouwstaat. Het groen kan echter ook worden geïnterpreteerd als een symbool van heropleving van een volk dat gedurende vele eeuwen onder de heerschappij van de Ottomanen stond. De kleur wit zou staan voor vrijheid en de kleur rood voor dapperheid.

d)      Religie

De grondwet van 1991 waarborgt de godsdienstvrijheid . Ongeveer 40% van de bevolking in Bulgarije is gelovig. Van deze 40% maakt 83,5% deel uit van de Bulgaars-orthodoxe Kerk. Deze kerk wordt geleid door een patriarch en de oosterse orthodoxe leer wordt erkend als de traditionele godsdienst van Bulgarije. Verder is 13% van de gelovigen islamiet, 1.5% is rooms-katholiek, 1% is Jood en 1% is protestant. Tot de islamieten behoren zowel de etnische Turken als de islamitische Bulgaren (Pomakken).

e)      Belangrijkste Bezienswaardigheden

Onder de bezienswaardigheden in Bulgarije neemt de hoofdstad Sofia uiteraard een prominente plaats in. Iedereen kan er zijn gading vinden. Kunstliefhebbers kunnen terecht in de Sofia Art Gallery (SAG). Dit museum beschikt over één van de rijkste kunstverzamelingen van Bulgarije: 3500 schilderijen, 800 beeldhouwwerken, 2800 etsen en tekeningen. Er is tevens een afdeling hedendaagse kunst en fotografie aanwezig. Jaarlijks worden er ongeveer een dertigtal tentoonstellingen georganiseerd. Het Nationaal Cultuurpaleis is dan weer een must voor cultuurliefhebbers. Hier vinden talrijke evenementen, concerten en tentoonstellingen plaats. Daarnaast beschikt het paleis ook over congresruimten en een handelscentrum. Het geheel wordt beschouwd als het grootste multifunctionele complex van Zuidoost-Europa.  Sofia is een stad die vele grote en kleinere parkjes telt waar men even kan vertoeven. Het oudste en bekendste park is het Borisova gradina (Boris’ tuin). Dit park werd aangelegd vanaf 1884 en is vernoemd naar de Bulgaarse tsaar Boris III. Net buiten het centrum is het Zaimova gradina gelegen. In dit park staan talrijke moderne kunstwerken permanent tentoongesteld. In het Yuzhen Park ten zuiden van het centrum heeft men het beste uitzicht over het Vitosha bergmassief.

Wie mooie gebouwen wenst te bewonderen, kan het Ivan Vazov Nationaal Theater bezoeken. Het gebouw werd in het begin van de 19de eeuw ontworpen door Weense architecten en kan tot de neoklassieke stroming worden gerekend. Het is tevens het oudste theater van het land. Ivan Vazov (1850-1921) was een vooraanstaande Bulgaarse dichter, schrijver en dramaturg. Op het vlak van de kerkelijke architectuur moet een bezoek aan de Alexander Nevski Kathedraal zeker op het programma staan. Deze kathedraal werd tussen 1892 en 1912 gebouwd ter nagedachtenis van de gesneuvelde Russische soldaten tijdens de Russisch-Turkse oorlog in 1877/78. Tijdens dit conflict probeerde men de Ottomanen uit Bulgarije te verdrijven. Alexander Nevski is een Russische heilige die een belangrijke rol heeft gespeeld bij het verdrijven van de Duitse ridderorden van het Russische grondgebied in de 13de eeuw. De kathedraal is de zetel van de patriarch en is opgetrokken in de neo-Byzantijnse stijl. Een andere kerk die een omweg waard is, is de Sveti Georgi kerk. De kerk werd in de 4de eeuw gebouwd door de Romeinen en het is één van de oudste gebouwen van Sofia. In de kerk zelf kan men onder andere een aantal goed bewaarde fresco’s bewonderen.

Winkelliefhebbers kunnen eveneens hun hartje ophalen in Sofia. Zij kunnen urenlang door de stad slenteren, niet enkel langs de winkels maar er zijn daarnaast vele markten, openluchttentoonstellingen en boekenstalletjes te ontdekken. De Vitosha Boulevard en de Graf Ignatiev straat zijn de belangrijkste winkelbuurten. Men kan hier alle grote modemerken terugvinden en er zijn eveneens talrijke cafeetjes en restaurants terug te vinden. De meer “exclusieve” winkels zijn aanwezig in het TZUM winkelcomplex aan de Knyaginya Mariya-Luiza Boulevard. Dit oudste en grootste winkelcentrum van Sofia is gevestigd in het Largo gebouw dat een oppervlakte heeft van 20 570 m2 . Het winkelcentrum neemt vijf van de zeven verdiepingen in beslag en per dag komen er gemiddeld 12 000 bezoekers over de vloer. Wie ’s avonds van het nachtleven wenst te proeven, kan terecht in de talrijke bars en cafés op de reeds vermelde Vitosha Boulevard. Na middernacht trekken de meeste feestvierders naar een nachtclub. Wie het liever rustiger houdt, kan een café of restaurant bezoeken waar men de traditionele Bulgaarse volksmuziek speelt.

Naast Sofia is Plovdiv zeker de moeite waard om te bezoeken. Het is de tweede stad van Bulgarije maar op cultuurhistorisch vlak overtreft ze de hoofdstad. De stad zelf is gelegen op zes heuvels aan de Maritsa rivier en haar geschiedenis begon 8000 jaar geleden. Niettemin biedt de stad een redelijk “moderne” aanblik vermits ze na een zware aardbeving in 1928  helemaal diende te worden heropgebouwd. Men opteerde voor een heropbouw in de traditionele Bulgaarse bouwstijl en de stad kan worden beschouwd als een openluchtmuseum. In 1999 was Plovdiv zelfs de culturele hoofdstad van Europa. In de nabije omgeving liggen een aantal belangrijke kloosters en kerken. Het Bachkovo klooster bevindt zich bijvoorbeeld op een uurtje rijden van Plovdiv. De havenstad Varna is eveneens een bruisende stad met als extra troef dat ze aan de Zwarte Zee is gelegen. Doordat Varna de grootste haven van Bulgarije heeft, wordt deze stad ook wel de zeehoofdstad van Bulgarije genoemd. Honderd kilometer ten zuiden van Varna is de stad Nesabar gelegen. Bijzonder is dat het historische stadscentrum zich op een klein schiereiland aan de Zwarte Zee bevindt en de site staat op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.

Naast cultuur heeft Bulgarije ook heel wat te bieden op het vlak van natuurschoon. Het land beschikt over 12 natuurparken en 89 reservaten. In het noordoosten van het land ligt bijvoorbeeld het natuurreservaat Sborianovo. Dit reservaat beschikt over een rijke fauna en flora. Hier kan men daarnaast Thracische koninklijke tombes bezoeken die eveneens UNESCO-werelderfgoed zijn. In het zuiden van Bulgarije vindt men het mysterieuze  “Deaf  Stones” heiligdom. Dit is één van de grootste Thracische heiligdommen. Het bestaat uit meerdere rotsen met diepe inkepingen. Aan de voet van één rots kan men een grafkamer terugvinden. In een andere rots kan men verschillende kleine kamertjes waarnemen. Deze hebben waarschijnlijk een rol gespeeld bij religieuze rituelen. Het uitzicht vanop de rotsen is adembenemend mooi. Een andere aan te bevelen site is de Rozenvallei in de omgeving van Kazanluk in centraal Bulgarije. Zoals de naam al doet vermoeden zijn op deze plek vele rozen te bewonderen. Hier wordt ook rozenolie gemaakt, één van de bekendste Bulgaarse exportproducten. De vallei wordt omringd door uitlopers van het Balkangebergte en de Sredna Gora wat het idyllische karakter van deze locatie beklemtoont. Van hieruit is het niet zo ver naar Rila, het grootste nationale park van Bulgarije. Hier kan men onder andere het 10de-eeuwse Rilaklooster bezichtigen dat ook is opgenomen in de lijst van het UNESCO-werelderfgoed.

 f)       Keuken

De Bulgaarse keuken kan men het best omschrijven als een Balkankeuken met vele invloeden van de Turkse en Griekse keuken. De Bulgaren gebruiken vele diverse ingrediënten en deze zijn meestal zeer vers. Veel inwoners verbouwen dan ook zelf fruit en groenten in hun tuin of op hun terras. De menukaart in de restaurants is gewoonlijk uitgebreid. Naast de prijs wordt meestal ook het gewicht vermeld. De maaltijd begint met een bord verse salade en een Rakia (vergelijkbaar met cognac). De “shopska” salade is een typisch Bulgaarse salade. Het is een mix van vers gesneden tomaten, komkommer, uien, paprika, peterselie en vers geraspte feta. De Bulgaarse feta lijkt op de Griekse feta maar is iets zachter en romiger van smaak. Enkele typische hoofdgerechten zijn:

  • Sarma: dit zijn rijst-gehaktballetjes die in (zuur)kool zijn opgerold.
  • Moussaka: dit is een aubergine-gerecht dat natuurlijk niet enkel in Bulgarije bekend is en ook in Griekenland en elders in de Balkan en in het Midden-Oosten wordt klaargemaakt. In Bulgarije wordt de moussaka bereid met aardappelen, aubergines en tomaten. De ingrediënten worden overgoten met een witte saus en kazen.
  • Gyuvech: dit is een Bulgaarse ovenschotel die gemaakt wordt van rundvlees, olijven, tomaten, champignons, rijst en uien. De schotel wordt op smaak gebracht met verschillende soorten kruiden en specerijen.
  • Kufte: dit is een kebab variant. Het bestaat uit gegrilde gehaktballetjes van lamsvlees met kruiden, waaronder peterselie en munt.
  • Ljutenitza – een heerlijke pasta van gebakken paprika’s en aubergines gemengd met tomaten en wortelpuree. Het is een licht gekruid gerecht.

De maaltijd wordt meestal afgerond met een nagerecht: ijs, gebak of “palacinka” (pannenkoekjes  gevuld met honing, confituur of chocolade; eventueel aangevuld met ijs, noten of vruchten).

Bulgarije is reeds sinds de Oudheid een wijnland van een zekere naam en betekenis. Naast witte en rode wijn wordt er ook een typische kruidenwijn (“pelin”) en harswijn (“mastika”) geproduceerd. Populaire bieren zijn “Kamenitsa” en “Zagorka”. De meeste Bulgaarse brouwerijen zijn ondertussen wel  overgenomen door buitenlandse brouwers. De koffie die wordt geschonken, is meestal sterke Turkse koffie. In steden worden echter verschillende varianten aangeboden en ook de internationale koffiehuizen – zoals Starbucks bijvoorbeeld – hebben intussen enkele vestigingen in de grote steden. Tot slot hebben de Bulgaren een eigen yoghurtdrink: “aryan”. De Bulgaarse yoghurt is overigens één van de hoofdingrediënten in de Bulgaarse keuken.